Van asfalt naar gravel: waarom steeds meer wegrenners ook het onverharde opzoeken

Gepubliceerd op 21 augustus 2026 om 12:42

Beeld: Ibe De Roo

 

Gravel is al lang niet meer alleen iets voor avontuurlijke fietsers die de drukke wegen willen vermijden. De discipline heeft de afgelopen jaren ook binnen de wedstrijdsport een vaste plaats gekregen. Dat was afgelopen weekend nog duidelijk te zien tijdens het Belgisch kampioenschap gravel in Grobbendonk, waar ook verschillende bekende namen uit het wegwielrennen aan de start stonden.

Onder andere Wout van Aert en Tim Merlier stonden zondag aan de start van het BK. Voor Van Aert was het zelfs zijn eerste deelname aan het Belgisch kampioenschap gravel.

Maar wat maakt gravel zo interessant voor renners die we vooral van de weg kennen?

Een discipline tussen verschillende werelden

Gravel heeft kenmerken van verschillende wielerdisciplines. De UCI omschrijft het zelf als een combinatie van elementen uit het wegwielrennen en mountainbiken. De wedstrijden worden grotendeels gereden over onverharde wegen, boswegen, landbouwwegen, gravelstroken en andere niet-geasfalteerde ondergronden.

Dat zorgt voor een ander soort wedstrijd dan op de weg.

Niet alleen snelheid en uithouding spelen een rol. Renners krijgen ook te maken met wisselende ondergronden en moeten hun fiets goed onder controle kunnen houden. Lek rijden of materiaalpech kan bovendien een grotere invloed hebben op het wedstrijdverloop, zoals er op de wegwedstrijden regelmatig een neutrale wagen of ploegwagen aanwezig is om te depanneren, is die er in de gravel overduidelijk niet.

Voor renners die ervaring hebben in het veldrijden of mountainbiken is die overstap dan ook niet zo vreemd.

Ook interessant als voorbereiding

Een gravelwedstrijd hoeft voor een wegrenner bovendien niet volledig los te staan van zijn wegprogramma.

Van Aert gebruikte het BK in Grobbendonk bijvoorbeeld ook als wedstrijdprikkel richting zijn volgende doelen op de weg. De wedstrijd paste in zijn programma en bood hem tegelijk de mogelijkheid opnieuw offroad te koersen.

Gravel kan zo een andere wedstrijdprikkel geven zonder dat een renner zijn wegseizoen volledig moet loslaten.

En de combinatie tussen disciplines krijgt de komende jaren zelfs meer betekenis. Vanaf 2027 kunnen resultaten van bepaalde renners op onder andere het WK gravel gedeeltelijk meetellen voor de UCI-ranking van hun wegploeg. Hetzelfde geldt voor bepaalde resultaten op het WK piste, mountainbike en veldrijden.

Beeld: Ibe De Roo

Gravel blijft groeien

Dat gravel ondertussen veel groter is geworden, blijkt ook uit de internationale kalender.

De UCI Gravel World Series werd pas in 2022 gelanceerd. In het eerste seizoen stonden twaalf wedstrijden op de kalender. In 2026 bestaat de kalender uit maar liefst 47 wedstrijden verspreid over 32 landen en alle continenten.

Tijdens die wedstrijden kunnen renners zich kwalificeren voor het WK gravel. De beste 25 procent binnen iedere leeftijdscategorie plaatst zich voor het wereldkampioenschap. Ook professionele renners kunnen deelnemen en zich kwalificeren.

Het WK vindt dit jaar op 10 en 11 oktober plaats in Nannup, Australië.

Eerst nog het EK in België

Voor Belgische gravelliefhebbers komt er eerst nog een belangrijke afspraak veel dichter bij huis.

Op 30 augustus wordt in Houffalize gestreden om de Europese graveltitels. Ook daar zullen verschillende renners uit andere wielerdisciplines hun kans wagen.

Het toont vooral hoe breed gravel ondertussen geworden is. Van amateurs die een nieuwe uitdaging zoeken tot profrenners die het combineren met hun programma op de weg.

De grens tussen de verschillende wielerdisciplines wordt daarmee steeds kleiner. En misschien is dat juist éen van de grootste dingen van gravel: je hoeft niet noodzakelijk te kiezen tussen asfalt en onverhard.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.